Problemen met de urinewegen kunnen verergeren tijdens de menopauze. Infecties zoals blaasontstekingen kunnen vaker voorkomen. Urineverlies ook: een ongemak waarover men liever zwijgt. Moet u zich daarbij neerleggen?

point-d-interrogation

Blaasontstekingen komen vaker voor tijdens de menopauze

Tijdens de menopauze vermindert de productie van oestrogenen. Het gevolg? Het slijmvlies van de urogenitale zone wordt dunner, droger en gevoeliger. De urinebuis, die de urineblaas verbindt met de lichaamsopening van de urinebuismonding, is al bijzonder kort bij een vrouw. Daardoor is ze brozer en kunnen bacteriën gemakkelijker in de blaas binnendringen.

Een van de urineweginfecties die wordt veroorzaakt door deze bacteriën (waarvan de Escherichia coli de meest voorkomende is) is de blaasontsteking. De ontsteking uit zich in de volgende symptomen:

  • vaak aandrang om te plassen, maar telkens een paar druppels,
  • irriterend of branderig gevoel bij het plassen,
  • en soms bevat de urine sporen van bloed (hematurie) of wordt ze troebel.

Een blaasontsteking wordt gewoonlijk behandeld met antibiotica, maar ze kan verschillende keren per jaar terugkomen. In dat geval spreekt men van terugkerende blaasontstekingen.

Wanneer u uw urine niet meer kunt ophouden

Urine-incontinentie is een kwaal waar nog altijd een taboe op rust. Toch heeft ruim een op de drie vrouwen in de overgang er last van. Het urineverlies kan de vorm aannemen van aandrangincontinentie (men kan de urine niet ophouden tot men het toilet bereikt), inspanningsincontinentie (bij het sporten, hoesten of zelfs bij het lachen) of gemengde incontinentie.

Waarom komt urineverlies vaker voor tijdens de menopauze?

  • Eerst en vooral kan de bekkenbodem slapper worden. Dat geheel van spieren en ligamenten onderaan het bekken werkt als een soort zak die de ingewanden draagt. Het is afgestemd op de spieren van de urineblaas, spant zich op wanneer de urine moet worden opgehouden en ontspant zich als de urine het lichaam moet verlaten. Dit mechanisme kan echter ontregeld zijn door zwangerschappen, bevallingen, inspannende sporten, overgewicht of ook hard persen om naar het toilet te kunnen gaan. Ook het ouder worden zit er voor iets tussen, evenals het tekort aan oestrogenen dat de weefsels en spieren van de urogenitale zone slapper maakt.
  • Een prolaps: een verzakking van de baarmoeder, endeldarm of urineblaas. Het desbetreffende orgaan oefent dan druk uit op de bekkenbodem, wat kan leiden tot ongewild urineverlies.
  • Veroudering van de blaas: ze rekt minder goed uit wanneer de hoeveelheid urine toeneemt.

Welk onderzoek
bij urineverlies?

Alvorens de incontinentieproblemen aan te pakken, wordt best eerst een urodynamisch onderzoek uitgevoerd.

Dit omvat verschillende onderzoeken (uroflowmetrie, cystomanometrie, sfincterometrie, elektromyografie, enz.) om het probleem te identificeren en te zien hoe dit best kan worden aangepakt.

De behandeling van incontinentieproblemen tijdens de menopauze

Er bestaan verschillende behandelingen om incontinentieproblemen tijdens de menopauze te verlichten.

 

De bekkenbodemspieren trainen

De Kegel-oefeningen versterken de spieren rond de vagina, de urineblaas en de anus. Ze zijn goed om de bekkenbodemspieren te versterken en om de urineblaas beter te kunnen controleren. Vraag advies aan uw arts. Hij kan u een aantal kinesitherapiesessies voorschrijven, die in sommige landen worden terugbetaald door de ziekteverzekering.

Vermijden dat het slijmvlies broos wordt

De arts kan oestrogenen voorschrijven in de vorm van tabletten of een crème die in de vagina moeten worden ingebracht. Ze hebben hoofdzakelijk een invloed op het genitale comfort (een betere bevochtiging bij seksuele betrekkingen bijvoorbeeld), maar hebben ook een onrechtstreeks effect op de sluitspier van de blaas.

Medicijnen

Bij urge-incontinentie zijn soms bepaalde medicijnen nodig (anticholinergica, botulinetoxine). Die verminderen de activiteit van de blaas door de spanning van de urineblaas te verminderen.

Operatie

Door een prothetisch bandje onder de urinebuis te plaatsen (TVT, TVT-O), wordt de sluitspier van de blaas steviger en is er een duidelijke verbetering van de inspanningsincontinentie merkbaar. Deze ingreep duurt een twintigtal minuten en kan gebeuren onder algemene verdoving of met een ruggenprik en is niet pijnlijk.

In geval van een ernstige of hinderlijke genitale prolaps kan het verzakte orgaan weer omhoog worden getrokken en met behulp van een prothese aan het bekken worden vastgemaakt. Die ingreep kan via de vagina of de buik worden uitgevoerd (laparoscopie, laparotomie).

Artikel opgemaakt onder toezicht van Dr Gautier Vandenbossche

Publicatiedatum : 11-01-2016